Categorie: Margriet

Kinderwens (3)

April 2015
De test die mijn man in februari bij de huisarts had laten uitvoeren, had ertoe geleid dat we naar de gynaecoloog waren doorverwezen. Het duurde even voordat we aan de beurt waren voor een afspraak. Mijn bloed werd onderzocht en mijn cyclus bekeken met behulp van een inwendige echo. Ook de test van mijn man werd herhaald.

kinderwens (3)

“Ik mag jullie feliciteren,” zei de gynaecoloog. “Er is niets te vinden, jullie waarden zijn prima.”
Bedremmeld keek ik hem aan. “Maar die test van mijn man dan?”
“De nieuwe test was goed. Je was toch ziek geweest in februari?” vroeg de gynaecoloog.
Mijn man knikte.
“Daar zal het wel aan gelegen hebben dat die eerste test geen goede uitslag had. Jullie kunnen gewoon terug naar huis en moeten gewoon nog wat geduld hebben. Als het over een half jaar nog niet gelukt is, kom dan maar weer terug.”
Ik begon te huilen. Het drong nog niet door dat dit goed nieuws was. We waren anderhalf jaar verder en we waren nog niet zwanger. Ik had gehoopt op een antwoord. Waarom waren we nog niet zwanger als er niets mis was? Ik wilde aan de slag, dan deden we er tenminste wat aan. Weer naar huis, terug die onzekerheid in, iedere maand niet weten of het lukt, iedere maand die hoop opbouwen en dan weer die teleurstelling. Ik wist niet of ik dat nog wel kon.
“Dit is goed nieuws,” zei de gynaecoloog.
Het duurde even voor ik besefte dat hij gelijk had. Geen hormonen spuiten, geen wekelijkse bezoekjes aan het ziekenhuis, geen druk op de prestatie van mijn man. Die weg had weinig romantiek en leverde misschien nog wel meer stress op.

Ik voelde mee met de stellen die er nog veel langer over deden. Zouden wij ook bij die mensen horen? Zou het ook 5 jaar gaan duren? Als ik nu al zo verdrietig en gefrustreerd raakte, hoe moest het dan voor hen zijn?
Ik besloot het positieve ervan in te zien, we hoefden geen inseminatietraject in, de zomer kwam eraan, we gingen er gewoon iets moois van maken.

Augustus 2015
De zomer was heerlijk. Ik ontspande me sinds maanden weer. Iedere ochtend startte ik met yoga in de ochtendzon. We deden alleen dingen waar we echt zin in hadden en ik genoot met volle teugen. We waren weer op en top verliefd en vrolijk. De vakantie in Denemarken en Zweden was heerlijk.
“Nu moet het toch wel gelukt zijn,” vond ik.
Als het nu nog niet gelukt was, dan wist ik het ook niet meer.
Drie dagen over tijd. Ik voelde me fit, rook dingen beter en mijn lijf gaf allemaal symptomen af. Een zwangerschapstest dan maar. Negatief.
Ik was teleurgesteld, maar liet me nog niet uit het veld slaan, misschien was ik gewoon iets te vroeg met testen.
Vijf dagen over tijd. Hoogst ongebruikelijk voor mijn normaal zo ontzettend strakke cyclus. Weer een zwangerschapstest, weer negatief.
“Wat wil je van me?” vroeg ik wanhopig aan mijn baarmoeder.
Negen dagen over tijd. Mijn man begon ook te geloven dat ik misschien toch zwanger was. Ik wist gewoon niet meer wat ik moest geloven. Mijn lichaam gaf allemaal signalen af die op zwangerschap leken, maar toch waren de testen negatief.
Toen ik op de nacht van de tiende dag ging menstrueren was dat een enorme klap. Die dag erop bleven mijn man en ik thuis. Het was een verdrietige dag, maar we zijn erdoor nog dichter naar elkaar toe gegroeid.

Lees ook: Kinderwens deel 1 en deel 2 en kinderwens deel 4

Kinderwens (2)

September 2014
Steeds minder mensen vroegen het: “En ben je al zwanger?”.
Toen we net getrouwd waren vroegen de moeders op het werk het bijna iedere week.
Ik glimlachte dan breed en antwoordde met fonkelende ogen: “Nog niet.”
Als ze het nu vroegen perste ik er een flauwe glimlach uit en gaf nog steeds hetzelfde antwoord.

weg op de dijk

Ik begon me ontzettend ongerust te maken. Als ruim tachtig procent zwanger was binnen het eerste jaar, waarom wij dan niet? Het eerste jaar was bijna voorbij en ik wilde niet langer wachten. Iedere maand had ik zoveel hoop en wachtte ik gespannen de dagen af. En iedere maand was de teleurstelling groter. Zou een van ons iets mankeren? Konden we eigenlijk wel kinderen krijgen?

Toen het eerste jaar was verstreken liep ik vanwege werkstress tegen een burn-out aan en was ik bang en gefrustreerd.

Januari 2015
Mijn man was ziek geweest en wilde het onderzoek nog even uitstellen. Ondertussen had ik zelf een blaasontsteking. Net in het weekend dat we met mijn ouders, zussen, zwagers en hun kinderen naar een vakantiehuisje gingen. Ik voelde me ellendig, maar probeerde toch te ontspannen. Mijn vader had voor mijn moeder, mijn zussen en mij een middagje bij de schoonheidssalon geregeld. Ik ga nooit naar zoiets, dus het was echt een verwenmiddag. Met mijn hoofd richting de vloer en de warme handen van de schoonheidsspecialiste op mijn rug, lag ik op de massagetafel. Een steek van pijn ging door mijn rug toen ze plotseling een plekje naast mijn schouderblad raakte. Onophoudelijk begon ik te huilen.
“Wat is er toch?” drongen mijn zussen en moeder aan.
Ik wilde het eigenlijk niet zeggen, vond het iets tussen mij en mijn man. Ik vond het al vervelend dat ik mijn beste vriendin in vertrouwen had genomen. Maar toch kon ik het niet langer voor me houden. Met horten en stoten kwam mijn angst dat we onvruchtbaar zouden zijn eruit.

Mijn man was veel nuchterder. Hij maakte zich niet druk om dingen die hij nog niet zeker wist. En dacht dat het bij ons gewoon wat langer duurde en het waarschijnlijk aan de stress lag.

Februari 2015
De uitslag van de eerste test was binnen. Het resultaat was matig en we werden doorverwezen naar de gynaecoloog.

Lees ook: kinderwens deel 1 en kinderwens deel 3

Kinderwens (1)

April 2014
Een half jaar eerder stopte ik met de pil. Net een paar maanden voor onze trouwdag. Een beetje teleurgesteld passeerde ik mijn 30 verjaardag. Graag was ik nog voor mijn dertigste zwanger geweest. Naar mijn idee was alles toch al veel langzamer gegaan dan ik ooit voor ogen had. We gingen samenwonen toen ik 19 jaar was. “Nog even afstuderen, dan een paar jaar werken, trouwen als ik 26 ben, verhuizen en dan het eerste kind met ongeveer 28 jaar.” Ik zag het al helemaal voor me. Maar helaas had geen van ons een vast contract en wisselden we bijna elke twee jaar weer van baan. We wilden financiële zekerheid voordat we gingen trouwen en kinderen wilden krijgen. En verhuizen hadden we al uit ons hoofd gezet.

197 National park zo 16-08-15

Mijn dertigste verjaardag hakte er iets heftiger in dan ik had verwacht. Ik was ineens geen twintiger meer en besefte me ineens dat ik totaal nog niet was waar ik wilde zijn. Ik had altijd zo’n voorstelling van mijzelf als evenwichtige dertiger, met een vaste baan, een duidelijk levensdoel en één of twee kinderen. In plaats daarvan voelde ik me nog redelijk onvolwassen en uit balans.

Toch liet ik me nog niet helemaal uit het veld slaan. Er waren genoeg redenen waarom ik nog niet zwanger was. We hadden onze trouwdag klein gehouden, maar natuurlijk gaf dat toch wat stress. Ik had een vijfde jaarcontract gekregen op mijn werk, wat ook de nodige stress gaf, want zou ik ooit een vast contract gaan krijgen en ik werkte eigenlijk teveel uren. Daarbij waren we pas een half jaar bezig om zwanger te worden en had ik gehoord dat de restanten van de anticonceptiepil soms maanden in je systeem bleven zitten. Het kwam vast nog wel goed. Gewoon geduld hebben. Dan maar op een wat langzamer tempo.

Lees ook: kinderwens deel 2

Hoera, ik mag blijven.

Ik haalde nog een keer diep adem en stapte met knikkende knieën de teamkamer binnen. Mijn hoofd gloeide en ik voelde mijn maag zich tegen mijn hart drukken.
“Zullen we dan maar?” vroeg mijn manager.
“Ja graag,” antwoordde ik.
Met trillende handen trok ik de stoel naar achteren in de spreekkamer en nam plaats. Ik keek mijn manager aan en hield mijn adem in.
“Ik zal maar meteen vertellen wat je wilt weten. Je kunt een vast contract krijgen voor vierentwintig uur.”
Mijn ingehouden adem ontsnapte over mijn lippen en mijn maag zakte terug op de juiste plaats. Helaas een dag minder dan ik nu werk, maar niet minder dan mijn minimum, daar had hij zijn best voor gedaan. Ik was hem heel dankbaar.

Roze Rozen

Na zes jaar ieder jaar de angst mijn baan te verliezen, was dit een enorme opluchting. Ik kon het nog niet helemaal bevatten en bleef de hele dag gespannen en emotioneel. Dat duurde nog tot na het weekend. Ik ben dol op mijn baan. Het geeft niet als je soms iets niet weet en hulp vraagt van een collega, dan staan er meteen drie klaar om je verder te helpen. Dat was precies wat ik nodig had nadat ik in het onderwijs een tijd op mijn tenen moest lopen. Door mijn collega’s en de werksfeer kon ik gaan groeien en ontwikkelen.

Het tweede jaar was het zwaarste, al rond mei begon ik zenuwachtig te worden over mijn contract. Er was gezegd dat de kans klein was dat ik kon blijven en dat ik beter ander werk kon gaan zoeken. Maar niets leek leuk genoeg. Halverwege een sollicitatieprocedure bij een kinderdagverblijf en twee weken voor het eind van mijn contract hoorde ik dat ik toch nog een jaar kon blijven.

Het derde jaar wist ik dat er geen vast contract in zou zitten. En ik was boos. Want had ik dan niet hard genoeg gewerkt? Was ik dan niet goed genoeg? Maar daar lag het niet aan. Het lag alleen maar aan de financiële situatie van de organisatie, waardoor vaste contracten niet mogelijk waren. Drie maanden zat ik thuis en al snel had ik besloten dat ik terug wilde naar deze baan, want daar was ik toch echt het gelukkigste.

Nu, na nog een keer drie jaar bij mijn werkgever, mag ik eindelijk echt blijven. Samen met twee andere collega’s die precies hetzelfde traject hebben gehad als ik. En ik geniet daardoor alleen nog maar meer van mijn werk.

Een heerlijke werkdag

Woensdagochtend. Ik warm mijn handen aan een kop thee. De ochtenden zijn koud en de herfst lijkt nu toch echt te zijn aangebroken. Eén voor één druppelen de moeders binnen en schuiven aan. De kinderen zijn naar school gebracht, het is tijd voor een kopje thee of koffie en een goed gesprek in de ouderkamer. Mijn stagiaire leidt het gesprek. We hebben het over regels rondom het gebruik van computers, televisie en andere media in het huis. De ene moeder vertelt enthousiast dat ze haar kinderen bijna nooit achter de tv uit hoeft te plukken, ze spelen liever buiten. En als het regent zijn ze gelukkiger met een kaartspel dan met een tablet. Een andere moeder geeft toe dat het iedere keer strijd is wanneer haar zoontje computerspelletjes wilt spelen en dat ze zich ook een beetje zorgen maakt om de soort spelletjes die hij wil spelen. Ik ben blij met haar oprechtheid en dat ze na het verhaal van de andere moeder toch durft toe te geven dat het in haar huis niet altijd zo makkelijk gaat. De andere ouders reageren behulpzaam en geven haar tips. Daarna worden er enthousiast plannen gemaakt voor de volgende ouderkamer. Wat is mijn werk toch fijn als ouders zelf zo betrokken zijn.

Kopje thee

Na de ouderkamer zoeken mijn stagiaire en ik een plekje achter een computer. Er moeten mailtjes beantwoord worden en aan het projectplan voor een nieuwe activiteit gewerkt worden. Ik bel een ouder op voor een afspraak voor een huisbezoek. Ze reageert al met een vrolijk “Hoi Margriet,” nog voor ik mijn naam heb gezegd. De dag ervoor zat ze samen met haar man bij het zorgteam van de basisschool. Ik vind het altijd een beetje intimiderend voor ouders om aan te schuiven bij het zorgteam, met de intern begeleider, de leerkracht, het school-maatschappelijk-werk, de jeugdverpleegkundige van het consultatiebureau en dan ook nog mijn stagiaire en ik aan tafel. Ze waren blij mij te zien. En ik was blij te horen dat ze nog steeds mijn tips van twee jaar terug toepasten. Ik heb er zin in om weer bij dit gezin aan de slag te gaan.

’s Middag’s neem ik mijzelf voor om echt op mijn handen te gaan zitten. Ondanks dat mijn stagiaire die ochtend het gesprek in de ouderkamer zou leiden, kon ik het niet laten om me er in te mengen. Tijdens de kinderactiviteit ga ik op een stoel in de hoek van de ruimte zitten met een bloknote en een pen om de stagiaire te kunnen observeren. Het is een druk groepje met een stel heerlijke kinderen. Genietend kijk ik naar twee jongetjes die helemaal niets van de uitleg volgen, maar in plaats daarvan met hun hoofd in de spelletjeskast besluiten dat ze zelf wel kunnen kiezen wat ze willen doen, terwijl een ander meisje bijna op haar tenen gaat staan om niets te hoeven missen van de uitleg.

Op de gang zit een meisje van de bovenbouw te wachten tot we klaar zijn met opruimen. Zij volgt sinds kort bij mij een individueel traject. Samen maken we een plan voor het komende schooljaar en beschrijven aan welke dingen ze wil gaan werken. Ik stel vragen en zij antwoord met: “Nee, dat vind ik eigenlijk niet.” Heerlijk hoe ze haar mening durft te geven.

Voldaan rijd ik ’s middags weer naar huis. Wat heb ik toch een fijn beroep.

1 4 5 6