Categorie: Peuter

Verlegenheid, introversie en eenkennigheid

“Mijn kind is zo verlegen!” hoor ik een ouder wel eens klagen op het werk. En in een maatschappij zoals de onze, waarin wordt verwacht dat je veel sociale contacten hebt, jezelf goed kan laten horen en presenteren, is dat wel eens vervelend. Echter worden sommige kinderen verlegen genoemd, terwijl ze eigenlijk introvert zijn of een fase van eenkennigheid doormaken.

Verlegen meisje

Eenkennigheid
Veel baby’s gaan een periode van eenkennigheid door. Maar ook veel peuters hebben zo’n fase. Dit is helemaal niet erg, juist heel gezond. Je kindje beseft zich dat er onderscheid is tussen papa en mama en een vreemde. (meer…)

Cadeautje voor de juf

Het einde van het schooljaar is in zicht. Misschien is het op de school of de peuterspeelzaal waar jouw kindje naar toe gaat wel gebruikelijk om aan het eind van het schooljaar een cadeautje voor de juf mee te nemen.

cadeautje voor de juf

Ik maakte een taartcadeautje voor een juf waar ik veel mee samenwerk die helaas afscheid moet nemen. Bij de Hema kocht ik een taartvorm van 16 centimeter diameter. Ik kocht twee van de ingrediënten en knutselde een kaart. De kaart kan je heel leuk samen met je kind knutselen, zo wordt het een kind-cadeautje en geen mama-cadeautje. Achterop de kaart schreef ik het recept. Dit recept bijvoorbeeld.

Toen ik zelf nog juf was, kwam ik om in de theekoppen. Die kreeg ik zo vaak. De leukste cadeautjes die ik kreeg waren; noten en vruchten uit eigen tuin, zelfgemaakte koekjes, knutselwerkjes met een foto van het kind, een beschilderde bloempot met een plantje erin, een leuk boek met een mooie boodschap aan de binnenkant van de kaft geschreven door moeder en kind.

Wordt er bij jouw kind op school iets gegeven aan de juf of meester aan het eind van het schooljaar? Wat vind je daarvan?

Zindelijkheid

De meeste kinderen beginnen net na hun tweede verjaardag met zindelijkheidstraining. Meisjes vaak wat eerder dan jongens. Gemiddeld zijn de meeste kinderen overdag zindelijk net voor hun vierde verjaardag. ’s Nachts kan het soms wat langer duren.

Zindelijkheid

Het goede voorbeeld
Ook als ze nog heel klein zijn, kan je al beginnen met de voorbereidingen op de zindelijkheidstraining. Door aan te geven dat poep en plas vies zijn, door te laten zien wat een wc is en wat je daar gaat doen. Op deze manier werk je al een beetje aan het bewustzijn van je kindje.

Interesse wekken
Door erover te praten, te laten zien wat de wc doet, er boekjes over te lezen en je kind te laten spelen dat zijn knuffel ook op het potje moet wek je de interesse van je kindje.

Oefenen op het potje of de wc
Zodra jij aanvoelt dat je kindje moet, kan je meteen het potje of de wc aanbieden.
“Moet je plassen? Kom dan gaan we het op het potje proberen.”
Je kan een brilverkleiner op de wc-bril zetten en een opstapje voor de voetjes voor de wc plaatsen. Je kan het potje of de wc ook aanbieden direct na het volmaken van een luier. Gewoon nog heel even kijken of er misschien nog iets na komt en je kind laten wennen aan het gevoel van op het potje zitten.
Je kan er ook voor kiezen om het wc-bezoek op gezette tijden te oefenen. Zo kan je misschien voorkomen dat het kind zijn behoefte in de luier doet en leer je je kind onbewust een ritme aan.

Het kind geeft het aan
Een andere methode is om je kindje niet op het potje te zetten, maar te wachten tot het kind zelf aangeeft dat op de wc of het potje wil. Je wekt dan wel de interesse, zoals hierboven beschreven, maar gaat niet oefenen op het potje of de wc. Dit werkt niet bij alle kinderen.
De meeste kinderen geven zelf op een gegeven moment aan dat ze hun behoefte in hun luier hebben gedaan. Ze vinden het na een tijdje vaak een beetje vies om met een volle luier door te lopen en geven dan aan verschoond te willen worden. Dit is een mooi begin om te gaan oefenen met het potje.

Zonder luier
Vooral in de zomer is dit een fijne methode. Je laat je kindje gewoon rondlopen zonder luier. Er zullen heus nog wel wat ongelukjes gebeuren, maar vaak vindt het kind dat niet fijn en voelt hij eerder aan dat hij nat is. Hij leert dan ook sneller van te voren aan te voelen dat hij moet en zal dan sneller gaan vragen om een potje of de wc.

Belonen
Straf je kindje nooit als er een ongelukje is gebeurd. De vrees voor de straf of de boze ouder kan stress veroorzaken waardoor het zindelijk worden juist moeilijker gaat. Wel kan je benoemen dat plas en poep vies zijn, maar doe dit zonder beschuldigende toon. Belonen kan echter wel. Een stickerkaart, een vrolijk plasliedje of een andere beloning kunnen het kind stimuleren om op de wc te gaan.

’s Nachts zindelijk
Wanneer het kind overdag zindelijk is, kan je ook ’s nachts gaan trainen. Kinderen vinden het moeilijker om ’s nachts aan te voelen dat ze naar het toilet moeten. Ze slapen hier doorheen. Laat je kindje ruime tijd voor het slapen niets meer drinken. En maak je kind ’s nachts wakker om even samen naar de wc te gaan, laat je kind zelf lopen en op de wc gaan zitten. Als je het kind nog bijna slapend op de wc zet, zal het minder snel uit zichzelf wakker gaan worden voor het toiletbezoek. Zodra je merkt dat het kind ’s ochtends een droge luier heeft, omdat jullie ’s nachts samen naar de wc zijn geweest, kan je gaan oefenen ’s nachts zonder luier. Zodra je merkt dat je kind al wakker wordt voor jij hem wakker gaat maken, kan je gaan oefenen met de zindelijkheid ’s nachts zonder hulp.

Problemen
Sommige kinderen ervaren problemen tijdens de zindelijkheidstraining. Ze hebben een terugval, dit is meestal het geval na een ingrijpende gebeurtenis zoals een verhuizing of een nieuw broertje of zusje. Ze hebben last van obstipatie, waardoor er vaker ongelukjes gebeuren. Ze voelen het niet goed aankomen. Maar het kan ook zijn dat je kind last heeft van poep- en plasangst. Dat kan door het geluid van de wc, het gevoel van blote billen op het plastic, of het bang zijn een deel van zichzelf te verliezen. Bij angst is het nog belangrijker om niet boos te worden of teveel druk op het kind te leggen.

Hebben jullie nog aanvullende tips?

Mijn kind eet niet goed

“Mijn kind eet niet goed, wat moet ik doen?” Deze vraag krijg ik op mijn werk regelmatig. Soms lust het kind veel dingen niet, maar vaak is het de manier waarop ouders met het eten en de regels omgaan wat het gedrag in stand houdt.

Mijn kind eet niet

Mijn kind lust heel weinig
Wanneer het kind niet goed eet, omdat het weinig lekker vindt, dan is het probleem vaak makkelijker op te lossen. De meeste mensen moeten een smaak eerst tien keer geproefd hebben voor ze eraan zijn gewend. Bied daarom voedsel minstens tien keer aan, voordat je ervan uitgaat dat je kind de smaak echt niet lekker vindt. Daarnaast hebben jonge kinderen meer smaakpapillen dan volwassenen en reageren daardoor vaak sterker op bittere, zure, pittige en sterke smaken. Maak het eten dus niet te gekruid en bied bittere en zure smaken mondjesmaat aan.
Vaak laten proeven en het steeds aanbieden kan dus helpen. Wat ook nog kan helpen is een beloningskaart. Dit werkt heel goed als het kind bepaalde voedselgroepen niet lekker vindt, zoals fruit of groenten. Teken (of laat je kind tekenen) bijvoorbeeld een rij met verschillende soorten groenten. Iedere keer als je kind er één opscheplepel van gegeten heeft mag hij een sticker plakken in de rij met de gegeten groente. Je kan de hoeveelheid groenten die hij moet eten voordat hij een sticker mag plakken iedere week vergroten.
Het kan ook helpen om je kind te betrekken bij het koken. Wanneer hij plezier heeft in het bereiden van het eten, wordt hij sneller geprikkeld om het ook te proeven. Daarbij ziet hij wat er gebeurt met het voedsel.

Mijn kind maakt er een spelletje van
Niet iedere ouder heeft door dat het kind een spelletje maakt van de strijd rondom het eten. Toch is dit vaker het geval dan dat een kind het eten niet lust. Soms vindt het kind een boterham (of iets anders) gewoon lekkerder en weet hij dat wanneer hij de strijd met je aangaat, hij uiteindelijk wel een boterham (of dat andere) zal krijgen. Het kan ook zijn dat het kind zoekt naar negatieve aandacht en dit krijgt door tijdens het eten moeilijk te gaan doen. Om hier een eind aan te maken is het van groot belang om consequent te blijven. Als het kind de ene keer wel iets anders te eten krijgt en de andere keer niet, zal het elke avond proberen om dat voor elkaar te krijgen.
De strengste methode is om het bord te laten staan en niets anders ervoor terug te geven. Als je kind dan gaat klagen dat hij honger heeft, wijs je hem weer naar het bord en geef je aan dat hij dat op kan eten en anders niets. Geef dan ook geen toetje of later nog een boterham, maar blijf alleen aanbieden wat op het bord ligt. Sommige ouders zijn bang dat hun kind honger gaat krijgen, maar je kind zal zichzelf echt zo snel niet uithongeren en een avondje niet eten is echt niet erg, dan eet hij ’s ochtends wel weer een extra boterham.
Een minder strenge methode is om de portie kleiner te maken en daarnaast iets aan te bieden wat het kind wel lekker vindt, zoals een boterham of een schaaltje yoghurt. Zorg daarbij dat je van te voren al duidelijk maakt dat hij de boterham zal krijgen als hij eerst de portie op zijn bord opeet. Wanneer je dit niet van te voren aangeeft, zal het toch voelen als een overwinning. Je kind krijgt met deze methode toch iets binnen van het eten dat je gemaakt hebt en je kan de grote van de portie langzaam steeds groter maken. Ga niet in discussie over de hoeveelheid. Jij stelt de grenzen en niet je kind.
Wanneer een kind vooral om negatieve aandacht vraagt en daar het eten voor gebruikt, kan het helpen om niet teveel te mopperen en juist het goede gedrag heel veel aandacht te geven. Negeer dan het geklaag, maar blijf verder volhouden met een van de bovenstaande methodes. Gebruik een stickerkaart of een andere beloning wanneer je kind iets eet waar hij normaal moeilijk over doet. Stimuleer je kind dan ook om dat op te eten door van te voren de beloning aan te kondigen en extra enthousiast te reageren wanneer hij iets eet. Laat hem desnoods aan zijn juf of grootouders vertellen dat hij zo goed gegeten heeft.

Heb jij een moeilijke eter thuis? En heb jij nog andere tips? Dan lees ik die graag. 

Boodschappen doen met je kind

Samen met je kind naar de supermarkt. Voor de ene moeder een feest voor de andere moeder een nachtmerrie. Toch kan samen naar de supermarkt heel leuk zijn. Het is daarbij ook nog leerzaam.

Boodschappen - Pexels

Afbeelding: Pexels

Maak samen een boodschappenlijstje
Door van te voren al samen een boodschappenlijstje te maken, weet je kind wat je wilt gaan kopen. Op deze manier kan je gemakkelijker ‘nee’ zeggen wanneer je kind om iets vraagt in de winkel dat je niet wilt kopen. Hou je dan natuurlijk wel aan je lijstje. Je kan dan erop voorbereiden dat je alleen dingen van het lijstje gaat kopen en als je kind dan toch gaat zeuren, kan je samen met het kind op het lijstje kijken om te laten zien dat het gekozen product er niet op staat.
Als je met je kind een lijstje gaat maken kan je dat op verschillende manieren doen. Jij vertelt wat er op het lijstje moet staan. Als het kind al kan schrijven, kan hij de boodschappen zelf opschrijven. Als je kind dat nog niet kan, schrijf het dan zelf op en laat je kind er tekeningen bij maken of het juiste product uit een folder knippen en opplakken. Dit is trouwens ook heel goed als voorbereiding op het schrijven op de basisschool. Kinderen beseffen dat je woorden op kan schrijven om ze later weer te kunnen herinneren.

Betaal met echt geld
Je kan met je kind afspreken dat hij zelf mag betalen. Dat is voor veel kinderen heel bijzonder. Gebruik daarvoor dan echt geld en geen pinpas. Zo ziet een kind ook goed dat je de boodschappen niet voor niets mee mag nemen en leert hij al een beetje omgaan met geld en rekenvaardigheden.

Praat met je kind over de producten
De hele winkel staat vol met producten waar je iets over kan vertellen of waar je vragen over kan stellen. Waar komt melk vandaan? Waar zijn chips van gemaakt? Hoe groeit een worteltje? Ook kan je vragen stellen over de prijs, of iets gezond is of juist niet, hoeveel mensen er van een product kunnen eten etc.

Geef je kind opdrachten
Je kan je kind prima mee laten helpen. Door je kind te betrekken, zal hij het veel leuker vinden om boodschappen te doen en minder snel vervelend worden. Je kan vragen of het kind weet waar een bepaald product staat en jou de weg kan wijzen. Je kan vragen of het kind het product wil pakken en in de kar wilt doen. Of je kan je kind dingen laten afstrepen van het boodschappenlijstje.

Neem de tijd
Zorg ervoor dat je genoeg tijd hebt als je met je kind boodschappen doet. Als je gehaast bent, heb je weinig aandacht voor je kind en zal je kind zich sneller gaan vervelen. Ook is het gemakkelijker om ‘nee’ te zeggen als je de tijd hebt.

Alles in één keer, of steeds een beetje
Je kan ervoor kiezen om één keer per week alle boodschappen voor de hele week te doen. Dat is veel meer werk, maar dan ben je er wel in een keer van af. Als je weet dat je kind het geduld heeft en je met de bovenstaande tips je je kind lang genoeg kan interesseren is het misschien een goed idee om gewoon alles in een keer te halen. Als je weet dat dat echt teveel gevraagd is voor je kind, kan je beter alleen kleine boodschapjes samen doen. Misschien is het dan slim om je kind niet iedere keer mee te nemen.

Bereid je kind voor
Door samen een boodschappenlijstje te maken, bereid je je kind al voor op het boodschappen doen. Ook de volgende tip, het maken van afspraken, kan daarbij helpen. Daarnaast is het fijn om je kind van te voren te vertellen dat je die dag samen boodschappen wilt gaan doen. Je kan er ook een vast moment in de week voor nemen. Als je kind lekker aan het spelen is en jij ineens zijn jas in je hand hebt met de woorden: “We gaan NU boodschappen doen,” kan het zijn dat dit frustratie oplevert. Vertel liever eerder op de dag al dat jullie boodschappen gaan doen en waarschuw je kind vijf minuten voor het vertrek.

Spreek duidelijke regels af
Wat mag jouw kind wel en niet in de supermarkt? Een van de regels kan zijn dat jullie alleen kopen wat er op het lijstje staat, zoals hierboven beschreven. Een andere regel kan zijn, dat je kind niets zelf uit de schappen mag pakken, bij jou in de buurt blijft of in het wagentje moet zitten. Geef duidelijk aan wat je van je kind verwacht en gebruik eventueel een beloning wanneer je vindt dat je kind het goed gedaan heeft. Spreek van te voren de beloning al af en maak ook heel duidelijk dat de beloning betrekking heeft op het gedrag. Bedenk ook van te voren wat je gaat doen als je kind zich niet gedraagt. Geef dan bijvoorbeeld een waarschuwing en vertel wat de consequentie is als het kind niet gaat luisteren, geef vervolgens je kind te kans om alsnog te gehoorzamen. Luistert het kind na de waarschuwing nog niet kan je de consequentie uitvoeren. Een consequentie kan zijn; geen beloning, meteen naar huis of even stil blijven staan. Dat laatste werkt eigenlijk hetzelfde als wanneer je thuis je kind een time-out geeft of even op de trap zet. Ook in de winkel kan dat. Kies een plekje en ga daar samen met je kind stil staan tot hij zich weer kan gedragen. Je hebt hier wel een goede dosis zelfbeheersing bij nodig, want het kan nog wel eens even duren en je kind kan gaan protesteren. Probeer in de tussentijd dat protest te negeren en te wachten tot je kind zich weer kan gedragen. Uiteindelijk geeft hij het wel op.
Hopelijk hoef je met alle andere genoemde tips niet over te gaan tot straf en wordt het een gezellig uitje.

Ga jij graag boodschappen doen met je kind?

1 2